Han Peper posted on december 17, 2008 17:47
NIEUWSBERICHT OVERIJSSEL
Ottersporen herkennen
Zaterdag 13 december 2008 werd er in de weerribbenalvast een introductie gegeven over ottersporen herkennen.
De otter doet het sinds de diverse uitzetprojecten vanaf 2002 erg goed in NW Overijssel.
De populatie is nu groter dan 35 individuen en de grenzen van het geschikte leefgebied komen langzaam
maar zeker in zicht. Onlangs is er een dode otter afkomstig uit dit project, gevonden in Doesburg.
Het is niet onwaarschijnlijk dat de IJssel hierin een rol heeft gespeeld.
De kansen om otters waar te nemen langs de IJssel maar ook bijvoorbeeld het Zwarte water en de Vecht, nemen geleidelijk aan toe.
Maar wie kan er nog ottersporen herkennen? Een otter zien, zelfs in de weerribben, is niet makkelijk.
Maar de sporen herkennen is erg goed te doen. Otters markeren hun leefgebied veelvuldig met hun uitwerpselen.
Deze worden ‘spraints’ genoemd. Deze spraints zijn te vinden op kenmerkende plekken in otterleefgebieden.
Ze maken onderdeel uit van het communicatienetwerk van otters.
Naast vorm, inhoud en constitutie en niet in de laatste plaats een typische geur (levertraanachtig) ,
is een (verse) spraint waardevol om er DNA en hormonen uit te isoleren.
Op die wijze kan worden nagegaan welk individu zich waar bevindt.
Dit levert weer bijzonder veel onderzoekgegevens op.
Het is dus van belang dat natuurwaarnemers zich kunnen gaan bekwamen in de verloren kunst van ottersporen herkennen.
In dit item enkele foto’s van het gezelschap onder leiding van Freek Niewold en Dennis Lammertsma van Alterra-Wageningen -UR
Het was een erg koude dag en niet optimaal voor het herkennen van ottersporen.
De spraintfoto’s zijn door deze koude omstandigheden(rijp) niet representatief ter determinatie maar geven alvast een indruk.
Er is behoefte aan ‘extra ogen’ in het veld. De otter komt eraan!
10 januari 2009 is er een volledige cursus gepland bedoeld voor personen die otters willen gaan inventariseren, locatie Ossenzijl.